Dit is een opiniestuk van Olli Salvatore

België heeft zich de woede van Israël en miljoenen joden op de hals gehaald. Dat heeft alles te maken met de viering van het jaarlijkse carnaval in de stad Aalst, een anders aangename stad met middeleeuws belfort in de buurt van Brussel.

Een vorige editie van dat uitbundige volksfeest kreeg immers af te rekenen met ferme internationale kritiek omdat het joodse poppen met haakneuzen ten tonele voerde die omringd waren door goudstaven en ratten (muizen volgens anderen).

Nazi-stereotypen

De carnavalisten die dit tafereel opvoerden leken zich van geen kwaad bewust maar de klagers (zowel individuele joden als joodse verenigingen) waren zeker van hun stuk: Deze uitbeeldingen refereerden expliciet naar nazistische stereotypen uit de jaren twintig en dertig van vorige eeuw.

Kortom: Ze waren door en door antisemitisch van aard en bijgevolg strafbaar. De klagers eisten excuses en de plechtige belofte dat dit nooit meer zou gebeuren. Tot hun algehele verbijstering weigerden de ‘daders’ zowel het ene als het andere.

‘Het carnaval –een feestperiode van drie dolle dagen– geeft ons het recht om te spotten met alles en iedereen’, zo luidde de redenatie. ‘Jullie joden zouden niet zo lichtgeraakt moeten zijn.’

Uniek feest bezoedeld

Het Aalsterse carnaval is zeer uniek; de lange stoet met praalwagens en exuberant verklede groepen zijn ieder jaar weer fantastisch en een toonbeeld van volkskunst en levensvreugde. Qua beleving en intensiteit staat dit feest op gelijke hoogte met de carnavals van Keulen, Venetië en Rio de Janeiro.

Zeker wel. Maar sedert een paar jaren nu rust er een smet op dit doldwaze volksfeest dat niet makkelijk zal kunnen worden uitgewist. De carnavalisten immers houden het been stijf en weigeren koppig om een knieval te doen voor de joodse klagers.

‘Het is juist eigen aan ons carnaval om met om het even wie te spotten en de draak te steken’ zegt iedere Aalstenaar. ‘Het is niet zo dat we een specifieke groep viseren. Iedereen krijgt er van langs!’

Om het even wie? Toch niet… Er zijn een drietal uitzonderingen te noemen die niet door de beugel kunnen: Not done is lachen met de slachtoffers van kindermoordenaar Dutroux, slachtoffers van de Bende van Nijvel (die net in Aalst haar bloedigste aanslag pleegde), of de moord op de Belgische para’s destijds in Rwanda…

Té gevoelig want al deze slachtoffers waren ‘eigen volk’, daar lach je toch niet mee?! Dat België een eigen levendige joodse gemeenschap heeft van pakweg 50.000 mensen ziet men voor het gemak even voor het hoofd.

Onder het nazibewind werden 25.000 Belgische joden (met medewerking van de Belgische autoriteiten) gedeporteerd richting vernietigingskampen.

Tel je de slachtoffers van Dutroux, de Bende van Nijvel en de Belgische blauwhelmen die sneuvelden in Rwanda bij elkaar op dan kom je nog niet eens aan 50 doden (50 doden teveel weliswaar) maar kunnen die opwegen tegen de 25.000 vermoorde joden? Een retorische vraag lijkt mij…

Als men de Aalstenaars vraagt waarom ze wel kunnen lachen met joodse stereotypen uit de tijd van de Holocaust en niet met Belgische slachtoffers van recente tragedies dan antwoorden ze meestal: ‘Ach, de Holocaust ligt al zeventig jaar achter ons, de joden moeten zich niet zo bedreigd voelen… Terwijl de slachtoffers van Dutroux bijvoorbeeld…, tja, dat ligt nog te vers in het geheugen.’

Ik ga nu bewijzen dat hun argumenten zeer ondoordacht zijn.

De heropleving van het antisemitisme

De gruweldaden van Dutroux dateren al van 1996. We zijn nu 2020. De laatste tien jaar, tussen 2010 en nu, is Europa opgeschrikt geweest door een reeks van antisemitische slachtpartijen.

Dat is niet zonder oorzaak. Het jihadisme van onder meer Al Qaeda en IS uit het Midden-Oosten heeft zich inmiddels verspreid over heel Europa. De kerntaak van deze terroristische groeperingen (ook Hamas) is het totaal vernietigen van de staat Israël en het joodse volk. Daar komen ze openlijk voor uit: Bij Hamas staat dit zelfs in hun handvest opgenomen.

Zij vinden heel wat aanhang onder de stroom moslimmigranten die de laatste jaren Europa als eindbestemming hebben gekozen.

Aangetoond kan worden dat het aantal antisemitische incidenten in Europa sindsdien fors is toegenomen. Joden worden veel vaker op straat lastiggevallen, uitgescholden, belaagd, het hoofddeksel afgerukt, bespuwd en fysiek gemolesteerd.

Neem als voorbeeld de ultraorthodoxe jood die met zijn zoontje in Antwerpen opzettelijk bijna van het voetpad werd gereden. Of het voorbeeld van de moslim die de vensters en het interieur van een joods restaurant in Amsterdam aan diggelen sloeg.

Maar laten we, om de verontrustende comeback van het antisemitisme te illustreren, de doelbewuste moorden op joden van de laatste tien jaar even in ogenschouw nemen.

Een trieste balans

Op 19 maart 2012 pleegde een moslim een aanslag op een joodse school in Toulouse, Frankrijk. Een joodse leraar en drie kinderen in de leeftijd van drie, vijf en acht jaar werden koelbloedig vermoord. Een 17-jarige jongen bleef zwaargewond achter. Het achtjarige meisje werd van dichtbij door het hoofd geschoten.

Op 24 mei 2014 pleegde een moslim een aanslag op een joods museum in het centrum van Brussel. Balans: vier doden waaronder een joods echtpaar.

Op 9 januari 2015 pleegde de moslimterrorist Amedy Coulibaly een aanslag op een joodse supermarkt in Parijs. Vier joden kwamen daarbij om het leven.

Op 4 april 2017 drong een moslim de Parijse flat binnen van een joodse vrouw. Hij begon haar te folteren en gooide haar nadien door het raam. Zij sloeg te pletter op de straatstenen, dood. Tijdens zijn gruweldaad reciteerde de dader verzen uit de Koran.

Een jaar later, op 23 maart 2018, vond een gelijkaardige moord plaats op een joodse dame, door een moslim die luidkeels Allah Akbar! Riep terwijl hij haar in blinde razernij met een mes doodstak.

Op 9 oktober 2019 tenslotte werd in het Duitse Halle een synagoge beschoten. Twee mensen stierven. De eerlijkheid gebiedt mij hierbij te vermelden dat de dader ditmaal geen moslim was maar een zogenaamde ‘neonazi’. De vraag blijft alleen of hij zijn inspiratie haalde bij zijn idool Hitler dat het zeventig jaar geleden voor bekeken hield of bij de lange lijst van islamterroristen die het de laatste jaren op joden hebben gemunt?

Intussen in Aalst…

Afgelopen zondag trok de carnavalsstoet van editie 2020 zich op gang. Journalisten van over de hele wereld verdrongen zich ter plaatse om na te gaan of de carnavalisten in herhaling zouden vallen met het uitbeelden van antisemitische figuren.

En dat deden ze, nog gretiger dan vorig jaar zelfs! Deze keer ging een groep deelnemers ver over de schreef door zich te verkleden als ‘joodse mieren’. Letterlijk: Het bovenlijf getooid in zwarte joodse kaftan (compleet met typische zwarte joodse hoed en pijpenkrullen), het onderlijf verpakt in een aanhangsel dat er uit zag als de ledematen en poten van een mier.

Vooral dit beeld was uiterst pijnlijk en stigmatiserend omdat het verwees naar de voorstelling van de joden als ongedierte, iets waar de nazi’s erg bedreven in waren, zoals Hitler zelf die in Mein Kampf joden parasieten noemde.

Het dehumaniseren –ontmenselijken– van de vermeende vijand was de eerste stap in de evolutie naar het uiteindelijke doel: Het uitmoorden, of althans de poging daartoe.

Ondanks het hele nare beeld weerklonk er geestdriftig handgeklap op de tribunes in Aalst, waar deze keer zich slechts een paar politici durfden vertonen, zoals minister van Verkeer Ben Weyts van N-VA (moest hij de praalwagens in goede banen leiden soms?), Gwendolyn Rutten van Open-VLD die zich voor de gelegenheid als surrealist Magritte had verkleed, geflankeerd door Karel de Gucht van dezelfde liberale partij.

Een enkele politicus neemt het op voor de joden

Niemand van de politici waagde het de verdediging van de joodse klagers op zich te nemen, behalve dan Bart Somers en de Waalse premier mevrouw Sophie Wilmès (zelf van joodse afkomst!), die in een officiële verklaring de hele bedoening terecht een schande noemde die heel België in een kwaad daglicht stelt.

Had de auteur van dit stuk het voor het zeggen dan zouden die carnavalisten verkleed als ‘joden-mieren’ meteen zijn gearresteerd en worden voorgeleid in een snelrechtprocedure, maar de aanwezige dames en heren politici wasten net als Pilatus hun handen in onschuld met de bewering dat heel dit gebeuren ‘een feest is van de democratie waar de vrijheid van meningsuiting (en dus ook spot) gegarandeerd is.’

Akkoord, maar niet absoluut, want hier was een grens overschreden en wel open en bloot, dus zichtbaar voor iedereen, ook voor burgemeester, schepenen (wethouders) en politie.

Maar de burgemeester Christoph D’Haese (N-VA) liet begaan want, zo was zijn uitleg: ‘Dit alles is onschuldig bedoeld en overigens ben ik geen man van censuur’.

Nee, meneer D’Haese, u had wel degelijk moeten ingrijpen, want daar was u als hoofd van politie toe bevoegd, maar u deed het niet. U was zelf verkleed in een buitenissig pak met twee reusachtige duivelse horens op uw hoed, wellicht wilde u de eigen feestvreugde niet bederven…

Ofwel omdat u als hypocriet de stem van de talrijke carnavalisten niet wilde kwijtspelen, ofwel omdat u geen empathie kan opbrengen voor het lot van de joodse medemens.

De hele wereld keek verontwaardigd mee

De ogen van de hele wereld waren zondag op Aalst gericht omdat men voorkennis had van de misdaad die zich dreigde te voltrekken. De joodse klagers hadden in de dagen, weken en maanden voorafgaand hieraan afwisselend dringend verzocht, dreigend geëist en nederig gesmeekt om de misdaad alstublieft achterwege te laten maar al hun opmerkingen werden straal genegeerd.

Men had er zelfs een schrapping van het Aalsters carnaval bij de Unesco Werelderfgoed lijst voor over om de misdaad toch te kunnen plegen. De misdaad voltrok zich en op de tribunes weerklonk applaus.

Belgische justitie blundert… opnieuw!

In deze kroniek van een aangekondigde misdaad –met de wereldpers present– had men toch mogen verwachten dat de Belgische Minister van Justitie (Koen Geens, partij CD&V) nauwlettend toekeek om desgevallend tussen te komen.

Verkeerd gedacht! Zoveel inspanningen mag men kennelijk niet verwachten van Belgische politici in functie…

Dit doet terugdenken aan de zaak rond het vermoorde meisje Julie van Espen. Haar verkrachter en moordenaar was eerder al veroordeeld voor een verkrachting maar was door Justitie op vrije voeten gesteld (zonder voorwaarden!) in afwachting van een gevangenisstraf. Zo heeft hij fataal kunnen toeslaan terwijl Justitie zat te slapen.

Afgelopen zondag hebben de carnavalisten van Aalst opnieuw toegeslagen met een antisemitisch haatmisdrijf dat van tevoren was aangekondigd en ook deze keer liet de Belgische Justitie zich niet bewegen tot enige actie…

Olli Salvatore

Delen via


Lees ook

Discussieer mee!

Hier kan je reageren op onze artikelen en een inhoudelijke bijdrage leveren. Lees ook even onze huisregels.

Om te reageren dien je eerst aan te melden.

Reageer je voor de eerste keer? Registreer je dan hier.

Login hier in met je gebruikersnaam en het wachtwoord dat je per e-mail ontvangen hebt.

Maak hier een gebruikersnaam aan. Na verzenden ontvang je een e-mail met je wachtwoord waarna je meteen kunt inloggen en reageren.

Nieuwe gebruiker
*Verplicht veld
Nieuwe gebruiker
*Verplicht veld