Jan Latten is een serieuze wetenschapper die een interview publiceerde in Trouw over de bevolkingsgroei. Het heet: ‘We denken in Nederland over van alles na, maar niet over de bevolkingsgroei. Onbegrijpelijk.’ Eerder was hij hoofddemograaf bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In het interview omschrijft hij zijn vrees voor wat wordt aangeduid als “de ontmixing van de samenleving”. Met andere woorden: ons land splitst zich in verpauperde volksbuurten, gesegregeerde moslimwijken en chique elitewijken die zich van de nieuwkomers kunnen afschermen.

Kennelijk is Latten tot een realistisch inzicht gekomen – stemt dit hoopvol of juist somber? Het is in ieder geval één stap richting een meer vrij debat: we komen alleen vooruit als ‘links’ en ‘rechts’ openlijk over de realiteit en de feiten discussiëren. Precies hierom startte ik onlangs een crowdfunding-project op VoorDeKunst. Het heet ‘Links en Rechts in Dialoog’ en ik hoop hartgrondig dat de lezer dit initiatief zal steunen – ik ben inmiddels over de helft en heb ook al toezeggingen van Kamerleden dat zij aan de briefwisseling zullen meedoen.

De perverse tweespalt van het deugen

Waar Latten stelt, “We denken niet na over demografie”, klinkt dit als deugspeak voor: “Het is taboe om de gevolgen van bevolkingsverandering te benoemen.” Heel soms gaat er een licht op bij een deugmens. Dan kunnen er twee dingen gebeuren.

[1] Óf de deugmens gaat keihard deugen om zich vooral niet met het realisme te associëren en maakt zo zijn eigen goede werk weer stuk.

[2] Óf de deugmens wordt door de andere deugers verstoten en verliest zo de relevante maatschappelijke positie om iets met de gevonden inzichten te kunnen doen.

Zonder dialoog zoals die hierboven werd omschreven, zal het onmogelijk zijn om op vreedzame wijze deze binaire dynamiek te overstijgen. Deugers houden elkaar namelijk gevangen in deugdomino’s: zodra één van hen begint met deugpronken, zal de rest volgen om niet buiten de groep te vallen. Precies zoals in Sovjet-Rusland: niemand durfde na een toespraak van de grote leider als eerste te stoppen met klappen.

Realisme wordt bekneld door een cordon

Partijen zoals de VVD zitten in coalities met partijen die gevoelig zijn voor het deugdomino-effect. De partij kan weinig andere kanten op dan zelf mee te gaan deugen. Dat zagen we al met ‘proefballonnetjes’, zoals de wens om linkse NGO’s die mensensmokkel aanmoedigen te vervolgen; of om strengere straffen te geven voor misdaden die worden gepleegd in achterstandswijken. Het idee wordt gelanceerd, vervolgens krijgt men de morele verontwaardiging van de coalitiepartners over zich heen, en dus krabbelt men weer terug. Maar gevangen door die coalitiepartners kan men ook weinig anders dan mee te werken aan het deugcordon tegen partijen als FvD en PVV. De deugdomino’s zijn een eindeloze, heilloze cyclus. Van binnenuit is er niet aan te ontsnappen.

Dit is in feite een verhaal over instituties zoals het CBS, waar Latten werkte. Nieuwkomers die willen werken binnen deze instituties worden ideologisch getest. Nieuw Links heeft in de jaren zestig de instituties geïnfiltreerd – nu dit zo is kan ‘rechts’ het kunstje niet meer nadoen.

Verplichte rondjes Trump-bashing

Vroeger kon men de instituties infiltreren omdat er de Rijnlandse cultuur heerste: een meritocratische en coöperatieve opvatting die we vandaag (naïef) als volgt zouden beschrijven: “Als je gewoon goed je werk doet dan ben je welkom.” Vandaag worden echter eerst je sociale media nagetrokken om te kijken of je bijvoorbeeld ooit voor Zwarte Piet hebt gespeeld. Dit overkwam een jongedame die solliciteerde op een prestigieuze Britse universiteit: zij werd op sociale media belasterd door activisten. Iemand als Erik van Muiswinkel krijgt overigens uiteraard een generaal pardon voor zijn rol als Hoofdpiet. Hij is immers – toen zijn carrière en reputatie aan relevantie begonnen in te boeten – virulent anti-pietenactivist geworden.

Dagelijks zul je worden blootgesteld aan het rondje Trump- en Baudet-bashen rond de koffietafel – daarbij wordt goed gekeken naar je lichaamshouding en je subtielste gezichtsuitdrukkingen worden geregistreerd. Bij vermoedens van ‘rechtsheid’ kun je die promotie wel vergeten. Zo’n dynamiek is niet van binnenuit te doorbreken: net zoals bij de Communistische Partij houdt iedereen elkaar gevangen.

Het kan natuurlijk gebeuren dat een genderactiviste, door jarenlang op haar in te praten, verandert in een klassieke liberaal. Maar alsnog is daar weinig mee gewonnen, precies vanwege de psychische mechanismen achter de ideologische bewapening van de zojuist omschreven bedrijfscultuur. Mensen als Jan Latten, die durven te zeggen wat zij denken, nemen een enorm risico: wetenschappers die realisme verwoorden – zie ook Piet Emmer – hebben doorgaans hun loopbaan al achter zich. Als mensen (openlijk) veranderen van mening, zullen ze direct worden verstoten van hun positie – en dan verliezen ze hun mogelijkheden om iets te veranderen.

Nood aan nieuwe realiteitszin

Dit betekent dat we dus stug door moeten gaan met dialogen voeren en discussies op gang brengen. Door met ‘links’ in discussie te gaan zal een nieuw publiek worden aangeboord. En uiteindelijk zullen mensen druppel bij druppel gaan inzien dat de instituties door realiteit-ontwijkend worden overheerst. Mensen zullen zich afkeren van hun linkse voorgangers, en dan kan langzaam het besef indalen dat de deugdynamiek niemand verder helpt. Jan Latten stelde hopelijk met zijn publicatie een goed voorbeeld!

Burgers gaan dan inzien dat de bestaande instituties moeten worden verlaten en dat er nieuwe, realistische instituties vanaf de grond moeten worden opgebouwd. Om deze dialogen gaande te houden en te bewijzen dat een brede laag van de samenleving deze realistische discussies wil, roep ik u op om mijn crowdfunding te steunen!

Delen via


Lees ook