Dit is weer een nieuwe aflevering van Armand’s relaas door Armand Sağ

Binnen mijn persoonlijke relaas zie ik eigenlijk alle exemplarische voorbeelden terug van wat een gebroken gezin betekent voor een kind. Daarnaast zie ik ook de consequenties terug voor wat deze kinderen op latere leeftijd doen. Dit is vooral het geval als, zoals in mijn geval, beide ex-partners uit een gebroken gezin komen. Naar mijn idee was één van de heftigste scènes uit de documentaire ‘Verstoten Vaders’ dat ik mijn eigen moeder confronteer met het feit dat ze mijn vader heeft weggehouden uit mijn leven.

Wat het voor kinderen betekent als ze zonder vader opgroeien, hebben we vorige keer kunnen lezen. Waarom vrouwen dit doen, hebben we eerder al kunnen zien: een door de maatschappij ingegeven drang naar macht over mannen. Dit verschijnsel komt door de opkomst van het feminisme en vervolgens het doorslaan ervan. Het heef geleid tot een moederverering en ontvadering van de maatschappij. Tamara Strijk verwoordt het als volgt: “De vaders werden lange tijd gezien als kostwinnaars. Eén van de belangrijkste taken was bescherming bieden en geld verdienen voor het gezin. De vrouw zorgde voor het huishouden en gezin. Een duidelijke rolverdeling. Er werd gedacht dat vaders weinig invloed hadden op de opvoeding. Het werd gezien als de belangrijkste taak van de moeder! De moeder hield dit in graag in stand, want deze rol gaf haar het gevoel dat ze onvervangbaar was. Het gaf haar controle over een machtige ‘taak’ en zij twijfelde of de man competent genoeg was.”[1]

Borderline-narcisme

Dit is uiteindelijk doorgeslagen in een borderline-narcisme bij vrouwen die zijn weerga niet kent. Ook in mijn geval is mijn -ex door twee experts beschreven als een tekstboekvoorbeeld van een borderline-narcist.[2] Dit wordt op zijn beurt gevoed door twee oorzaken: het geloof dat vrouwen boven mannen staan, maar ook de angst dat vrouwen niet meer nodig zijn als zij de zorgtaken omtrent het kind moeten afstaan aan de man.[3] Het vervelende hieraan is echter dat biologisch-evolutionair gezien de vader belangrijker is voor de ontwikkeling van het kind, waardoor die angst bij vrouwen eigenlijk gegrond is. Met het doorgeschoten feminisme proberen vrouwen een beeld in stand te houden wat niet strookt met de realiteit c.q. de waarheid, want het blijkt de vader te zijn die het grootste aandeel heeft in het geluk van de kinderen.[4]

Biologisch-evolutionair gezien klopt dit ook en is het logisch: kinderen voelen zich onbewust aangetrokken tot de geur van hun vader omdat hij (fysiek) de sterkste persoon in het leven van het kind is. Vooral in het stenen tijdperk, waar met ongeveer 50.000 jaar toch 90% van de mensheid zich heeft afgespeeld, was de nabijheid van de vader het enige verschil tussen leven en dood. Alleen de vader kon het kind beschermen tegen aanvallende prooidieren, en andersom maakt de vader meer oxytocine, en andere neuronen (die voor het eerst aangemaakt worden na de geboorte van zijn kind) aan in de nabijheid van zijn kind.[5] Frappant werkt dit niet bij andermans kinderen, noch bij pleeg- en stiefouders.[6] Het belang van de vader blijkt onder andere hieruit, maar is ondergesneeuwd door de jarenlange pro-feministische lobby in Nederland.

Jeugdzorg dubieus

Het heeft er ook toe geleid dat Jeugdzorg volkomen in de ban van moeders c.q. vrouwen is. De uitspraak van Jan Dirk Sprokkereef – vicevoorzitter van Jeugdzorg tussen 2008-2016 – is veelzeggend: “Als ouders ruzie hebben, is het beter voor de kinderen om aan de moeder te worden toegewezen en minimaal of geen contact met de vader te hebben.” [7] De interventie van jeugdzorg resulteerde dus vrijwel altijd in het weggezetten van de vader uit het leven van het kind. Dit heeft er intussen voor gezorgd dat in steden als Rotterdam en Heerlen ongeveer een derde van alle kinderen zonder vader opgroeien in een eenoudergezin.[8]

Door deze moederverering is nu zelfs zo dat kinderen beter af zijn als Jeugdzorg zich er niet mee bemoeit, stelt de huidige jeugdzorgbestuurder Peter Dijkshoorn.[9] En zijn stelling wordt gevoed door alle wetenschappelijke onderzoeken, zoals die van de gerenommeerde wetenschapper en Duitse hooglerares Prof. Dr. Ursula Gresser van de Ludwig-Maximilians-Universität in München, Duitsland, die in 2015 samen met de ontwikkelingspsychologe Anna Prins dossiers bekeek van kinderen die uit huis waren geplaatst (een zogenaamde UHP-maatregel). Unaniem – en dat komt zeer weinig voor in empirisch onderzoek binnen de wetenschap – blijkt dat in 100% van de gevallen een UHP een slechter resultaat oplevert voor het kind op alle vier gebieden (werkloosheid, opleidingsniveau, arbeidsongeschiktheid, veilige hechting) die onderzocht zijn.[10]

Dit is echter niets nieuws. Al in 2001 gaf het Nederlandse Ministerie van Justitie en Veiligheid de opdracht aan de Afdeling Orthopedagogiek van de Faculteit der Psychologie en Pedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam om te kijken waarom kinderen na een scheiding het toch zo slecht doen. Het weghouden van de vader blijkt een direct causaal verband te hebben op de problemen van het kind. In maar liefst 72% van de gevallen zijn de problemen van de kinderen na twee jaar nog steeds niet opgelost is en/of zelfs nog erger geworden.[11]

 

Armand Sağ is een maatschappij-historicus met een specialisatie in de geschiedenis van het biologisch-evolutionair vaderschap en de contemporaine positie ervan in onze hedendaagse samenleving.

——————–

Lees hier Lees hier deel 1, deel 2, deel 3, deel 4, deel 5, en deel 6. en deel 7.

——————–

[1] Tamara Strijk (2020), Jij als vader maakt impact op jouw kind!, op: LinkedIn (1 juni 2020), online beschikbaar via: https://www.linkedin.com/feed/update/urn:li:activity:6673128184676012032/ (laatst geverifieerd op 7 juni 2020).

[2] Angelique Groeneveld (2020), Betreft: Sag versus Ozdemir, inzake [gecensureerd] (Zoetermeer, 26 mei 2020).

[3] Tamara Strijk (2020), Jij als vader maakt impact op jouw kind!, op: LinkedIn (1 juni 2020), online beschikbaar via: https://www.linkedin.com/feed/update/urn:li:activity:6673128184676012032/ (laatst geverifieerd op 7 juni 2020).

[4] Charles Opondo, Maggie Redshaw, Emily Savage-McGlynn, & Maria A. Quigley (2016), “Father involvement in early child-rearing and behavioural outcomes in their pre-adolescent children: Evidence from the ALSPAC UK birth cohort”, in: British Medical Journal Open, Volume: 11, Issue: 6 (November 2016), pp. 1-9, online beschikbaar via: https://www.researchgate.net/publication/310651619_Father_involvement_in_early_child-rearing_and_behavioural_outcomes_in_their_pre-adolescent_children_Evidence_from_the_ALSPAC_UK_birth_cohort (laatst geverifieerd op 7 juni 2020).

[5] Bahar Gholipour (2014), “5 Ways Fatherhood Changes a Man’s Brain”, op: LiveScience (14 juni 2014), online beschikbaar via: https://www.livescience.com/46322-fatherhood-changes-brain.html (laatst geverifieerd op 7 juni 2020).

[6] Berkay Özcan, Elena Mariani, & Alice Goisis (2017), “Family Trajectories and Well-being of Children Born to Lone Mothers in the UK”, in: European Journal of Population, Issue: 33, pp. 185-215, online beschikbaar via: https://link.springer.com/article/10.1007/s10680-017-9420-x (laatst geverifieerd op 7 juni 2020).

[7] Irene Zwaan (2013), ‘Biologische vader onmisbaar voor goede ontwikkeling van kinderen’, in: Volkskrant (27 september 2013), online beschikbaar via: https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/biologische-vader-onmisbaar-voor-goede-ontwikkeling-van-kinderen~b7736a40/ (laatst geverifieerd op 7 juni 2020).

[8] RTL (2019), Steeds meer kinderen wonen in een eenoudergezin, op: RTL Nieuws (23 december 2019), online beschikbaar via: https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/nederland/artikel/4964731/steeds-meer-kinderen-wonen-een-eenoudergezin (laatst geverifieerd op 7 juni 2020).

[9] Peter Dijkshoorn (2020), Jeugdhulpbestuurder: ‘Het gaat blijkbaar beter als wij een stapje terug doen’, in: Leeuwarder Courant (13 mei 2020), online beschikbaar via: https://www.lc.nl/friesland/Jeugdhulpbestuurder-Het-gaat-blijkbaar-beter-als-wij-een-stapje-terug-doen-25658960.html (laatst geverifieerd op 7 juni 2020).

[10] Ursula Gresser & Anna Prins (2015), Macht Kontaktabbruch zu den leiblichen Eltern Kinder krank? Eine Analyse wissenschaftlicher Literatur, in: Neue Zeitschrift für Familienrecht (NZFam), Volume: 21 (6 november 2015), Issue: 2, pp. 989-995.

[11] Wim Slot, Arne Theunissen, Frans Joris Esmeijer & Yvonne Duivenvoorden (2001), 909 zorgen: Een onderzoek naar de doelmatigheid van de ondertoezichtstelling (Vrije Universiteit Amsterdam, november 2001), online beschikbaar via: https://wodc.nl/onderzoeksdatabase/99.139a-909-zorgen.aspx (laatst geverifieerd 7 juni 2020), p. 77.

Delen via


Lees ook

Discussieer mee!

Hier kan je reageren op onze artikelen en een inhoudelijke bijdrage leveren. Lees ook even onze huisregels.

Om te reageren dien je eerst aan te melden.

Reageer je voor de eerste keer? Registreer je dan hier.

Login hier in met je gebruikersnaam en het wachtwoord dat je per e-mail ontvangen hebt.

Maak hier een gebruikersnaam aan. Na verzenden ontvang je een e-mail met je wachtwoord waarna je meteen kunt inloggen en reageren.

Nieuwe gebruiker
*Verplicht veld
Nieuwe gebruiker
*Verplicht veld